donderdag 27 februari 2025

IN DIER VOEGE


Het moet eens klaar zijn met al die kunst op muren in de openbare ruimte. Vooral op buitenmuren. Die kunst neemt het uitzicht op de voegen tussen de bakstenen weg. Bovendien gaan onze kinderen van al die kunst op buitenmuren denken dat ze later ook hun geld als kunstenaar kunnen verdienen. Ja, dat zou lekker worden. Gesubsidieerd van onze belastingcenten, waarvoor we altijd krom hebben moeten liggen. Altijd hard voor hebben moeten knokken. Nou heb ik verder geen kinderen. Van de 1714 kwartieren die ik heb gewerkt, waren er minstens drie kwartier hard en de rest volgens 'rustig aan, dan breekt het lijntje niet'. Om het overzicht te behouden; niet om me er met een Jantje van Leiden vanaf te maken. En de toekomst interesseert me sowieso geen ene reet. Wie dan leeft, die dan zorgt. Of op zijn nest blijft liggen.
Het gaat mij erom het beeld te schetsen van het belang van onbelemmerd zicht op voegen tussen bakstenen. Zowel stootvoegen als lintvoegen, daar maak ik geen onderscheid in. Er wordt geen soort voeg met meer of minder coulance behandeld. Gelijke monniken, gelijke kappen. Strengperssteen of handvormsteen, maakt niet uit. Waalformaat, Vechtformaat, Oldenburger, Utrechts plat of Friese mop, het is me om het even. In wildverband gemetseld? In halfsteensverband? Kropholler-verband of kettingverband? Zoek het maar uit; we leven in een vrij land.
Maar: stop de terreur en weer kunst van de buitenmuren. Genoeg is genoeg en overdaad. Vrij zicht op de voeg!

dinsdag 25 februari 2025

DE PATHÉ WORDT GOEDKOOP BETAALD

 



Bij het scheiden van de markt heb ik op vertoning van mijn Rotterdam-pas dan tenminste mijn gratis bezoeken aan bioscopen nog alle gehonoreerd weten te krijgen. Op 1 maart begint het nieuwe Rotterdam-pasjaar, dus ik moest voort maken. Daarnaast ben ik morgen weer aan de beurt voor mijn chemo- en immunoinfuusbehandeling in Ziekenhuis IJsselland. Erna verkeer ik zeer waarschijnlijk weer een week in het ongerede en ben ik nauwelijks in staat tot het volvoeren van activiteiten buitenshuis.
Zaterdag was ik al naar Babygirl in Pathé aan het Schouwburgplein geweest; vanavond was het de beurt aan Pathé te Schiedam. Daar draaide Straatcoaches vs Aliens. Ik was nog nooit in de Schiedamse vestiging geweest. De omvang van het complex verbaasde me: groot. De hoeveelheid trappen lopen naar de ingang zal niet op iedereen publieksvriendelijk overkomen. Ik vind de stevig verhoogde entreepartij aantrekkelijk. En een pluim voor de zitruimte, zowel in de vestiging aan het Rotterdamse Schouwburgplein als in die te Schiedam is die prima. Waarmee ik niet wil zeggen dat het in Kino, Cinerama en LantarenVenster matig verzorgd is. In deze twee Pathés is het zitcomfort twee fracties beter verzorgd.
Babygirl bezocht ik n.a.v. de publiciteitshausse die ik tot me had gekregen. Het script vond ik niet buitengewoon sterk. Gelukkig ook niet zo matig en eendimensionaal als met de hoofdrol, die de tegenstelling vrouwelijke CEO is in haar werk directief en privé een kinky onderdanig brok volgzaamheid, op de loer ligt. De kwaliteiten van de acteurs Nicole Kidman, Harris Dickinson, Antonia Banderas én de puike cameravoering dragen de film en weten het aanschouwen niet als corvee te doen overkomen. Groot bezwaar: humorloos.
Met de humor in Straatcoaches vs Aliens zit het goed. Politieagenten die zo nodig moeten tonen dat hun werk de real deal is in vergelijking met dat van straatcoaches en daar natuurlijk nauwelijks in slagen. (Wat is irl het verschil tussen een straatcoach en een BOA, eigenlijk?) En twee straatcoaches die - met behulp van andere personages - uiteindelijk de heldenrol zullen vervullen. Het absurdisme en de daarin wel degelijk verpakte serieuze maatschappelijke kritiek, die misschien geloofwaardige horror in de weg zouden kunnen staan, stoorden mij nergens. Hoogstens had het einde minder 'en ze leefden nog lang en gelukkig' kunnen zijn. Knap is wel dat het verhaal een paar maal goed richting het tegendeel lijkt aan te sturen. Ik vraag me af of ik een onbevredigender einde bevredigender zou hebben gevonden.
Een lovende recensie in de Volkskrant had me doen besluiten Straatcoaches vs Aliens te bezoeken. Dit dagblad beloonde de film met een waardering van vier van de vijf mogelijke sterren. In eerste instantie was ik dan ook verbaasd dat de honorering op International Movie Data Base slechts een 5,8 was. Misschien vindt dat zijn oorzaak in het erg Nederlands zijn van de film. Een buitenlandse beoordelaar die de typisch Nederlandse referenties mist én de film vooral uit horroroogpunt aanschouwt, zal met zijn meritescijfer onder de 6 blijven.

maandag 3 februari 2025

DEN HAAG, WE WINNEN WEER VANDAAG


Toen zij nog koningin was, klaagde Beatrix regelmatig dat de Gouden Koets te weinig de uitstraling van een independent venue had. Het gebrek aan moshpits en stagedivers overtuigde haar daarvan. Het was haar zoon Wim Lex die Bea er altijd van heeft weten te weerhouden op Prinsjesdag aan crowdsurfing te doen. W.L. had een uitstekend ontwikkeld gevoel voor decorum.
Er was meer wat niet deugde in de hofstad. De Ridderzaal was het ook niet, volgens Queen B. "Te gewoontjes, middle of the road, zó ontzettend Binnenhof, wal-ge-lijk!!" stond er op een door haar geschreven briefje, dat zij ooit ongezien bij een niets vermoedende, willekeurige lakei in diens zak had weten te foefelen.
En ADO moest gewoon weer in het Zuiderpark gaan voetballen. Het Zuiderpark, met staanplaatsen op Midden-Noord. Want zittend voetbalwedstrijden bekijken was een nieuwerwetse mietjesaangelegenheid.
Wat altijd geheim is gebleven is dat Beatrix één maal hardhandig is gearresteerd. Haar gemaal Claus kon haar gezang in de gangen van Huis ten Bosch niet langer verdragen. Nadat hij haar ettelijke malen had verzocht het 'Den Haag, we winnen weer vandaag' te neuriën en Bea - met toegenomen volume - hooghartig bleef zingen, had hij de sterke arm verwittigd met de mededeling dat er een gekkin tot in het paleis was doorgedrongen.

zaterdag 18 januari 2025

KOEKJES VAN EIGEN DEEG

Gedroomd dat duizenden drones confetti met daarop track&trace-codes over mij uitstrooiden, ik ze alle invoerde op de webzijde van de leverancier en dat ik de bestelling nooit zou ontvangen.


Ik beschouwde het als een teken van hogerhand dat ik eierkoeken in huis moest halen. Pas na het ontwaken trok ik die conclusie. Waarom pas na het ontwaken? Omdat het in mijn dromen nooit voorkomt dat ik iets moet. Ik zou door Sigmund Freud, als hij werkelijk verstand van droomduiding zou hebben gehad, een gebiedendewijsloze dromer zijn genoemd.


Maar om niet geheel van het padje te raken en de vertelling enigszins in de richting van logica te duwen...waar was ik? Eierkoeken moest ik hebben. Dus mij aangekleed en de deur uitgegaan teneinde eierkoeken te bekomen. Daar standvastigheid mij ten enenmale ontbreekt, was het plan om eierkoeken te halen al voor het bereiken van het zebrapad veranderd in een niet te stuiten lust om mij Nobo Spritsen aan te schaffen en het niet bij aanschaf te laten, maar tevens tot verorbering over te gaan, onderwijl bedenkend hoe ik mijn acties en overwegingen zonder oeverloos gebruik van archaismen aan het papier - in werkelijkheid natuurlijk het beeldscherm van mijn computer - zou toevertrouwen.


Ja, dat was nog een hele opgave. Een uitdaging, volgens de 145 in een gros-schrijfwijzer.

 

vrijdag 10 januari 2025

LANGS DE SCHELDE (recensie)


 

Met mijn fietstochten van afgelopen jaar heb ik een behoorlijke mate van rivierenfetisj opgelopen. Ik vind het te gek om op die manier de Nederlandse delta te leren kennen. Dat was kennis die ik al bovengemiddeld had, maar wat betreft ritten langs rivieren heeft zich een niet te bevredigen graaimentaliteit van me meester gemaakt. Ik wil meer, meer, meer. Eerder had ik de gewoonte slechts tochten te maken die niet verder reikten dan afstanden die ik op op de terugweg ook pedalerend kon volvoeren. Later fietste ik zo ver mogelijk en zette rijwiel en mijzelf op een trein terug, Rotterdamwaarts.

Vrij uitgebreide fysieke kennis met rivieren maakte ik al eerder. Ik voer twee weken als stagiair met een binnenvaartschip en ervoer zo, vanaf het water, de Nieuwe en de Oude Maas, Beneden Merwede, Boven Merwede, Waal, Rijn en - de mooiste - Moezel. Daarvoor leerde ik al de uitloper van de Schelde, de Westerschelde, behoorlijk breed kennen. Als geluids- en cameraman werkte ik diverse keren in opdracht van Rijkswaterstaat op schepen en pontons, vanaf waar men zich bezig hield met de uitdieping van deze zeearm. Ik was dan ook verheugd toen ik vernam dat de publieke omroep de serie 'Langs de Schelde' zou uitzenden. De Westerschelde kende ik al goed; stroomopwaartser ben ik er vele malen minder goed thuis. Dit zou leuk en leerzaam worden.

Toen ik las dat Huub Stapel de presentatie van de documentairereeks zou verzorgen, slonk mijn enthousiasme. Ik vreesde dat dit wederom op een openbaring van een ziekteverschijnsel van deze tijd zou uitdraaien. Uit kijkcijfergerichtheid moet er een BN'er als talking head aan het programma worden toegevoegd.

Vandaag keek ik de eerste twee afleveringen. Werd mijn vrees bevestigd? Ja. Huub Stapel presenteert redelijk vaardig en interviewt in voldoende Frans niet onaardig. (Hoewel 'ta grand-père' het insluipen van dementie doet vermoeden. Of zou de vertaling van de Franse mannelijke en vrouwelijke versie van het bezittelijk voornaamwoord hem werkelijk onbekend zijn?)

Hét grote manco van dit soort programma's: vanwege de bekendheid van de presentator wordt die overvloedig in beeld gebracht. Ik zit niet te wachten op wat je met gevoel voor overdrijving een 'tsunami aan presentatorclose-ups' kunt noemen. Een onzichtbare commentator had ruimte gelaten voor veel meer informerend en zo niet, dan minstens esthetisch te rechtvaardigen beeldmateriaal. De irritatie is niet voldoende reden om de overige afleveringen van 'Langs de Schelde' de overige afleveringen te laten. Daarvoor resteert er naast de ergernis te veel mooi beeld en te veel ter zake dienende, mij nog onbekende informatie. Die feitelijkheden hoeven niet te worden voorzien van kreupelhoutpoëtische zinnen als: “De vooruitgang is onstuitbaar, zal de Schelde denken.”

Daarnaast is de balans in de relevantie tussen bewandelde zijpaden te vaak zoek. Een uit de lucht gegrepen faits divers-scène van Stapel die de wals danst met een 83-jarige vrouw die al zeer lang op dezelfde plaats nabij het water leeft, wordt afgewisseld met een zeer zinnig en informatief interview over een architectonisch verrassende en op een kasteel gelijkende, in onbruik geraakte kalksteenfabriek.

Zo zeer alle kanten op meanderen, zou een zichzelf serieus nemende rivier nooit overkomen, zal de Schelde denken.

donderdag 9 januari 2025

PINNEN (Pastiche op 'Binnen' van Marco Borsato)


                                                      Ik open mijn ogen

De telefoon

De huisbaas chagrijnig

Man zeik niet zo en doe toch gewoon



En ik vraag me af of hij ze wel op een rijtje heeft

Als ik op tijd betaal dan vindt ie alles fijn

Ik kan maar één reden bedenken

Het moet dus toch mijn huurschuld zijn.



Ik wil pinnen

Al mijn poen is zwart

En bovendien ook op, dus pinnen.

Pinnen zonder grens en opnamelimieten, pinnen

Pinnen zonder schroom voor kredietregistratie.

Ik wil pinnen.

Pinnen!



Ik vrees dat hij me binnenkort op mijn bek slaat

Maar zonder iets te zeggen (of iets te overleggen)

Gooit hij mijn huisraad zo op straat

Ziet hij dan niet dat ik aan gaten aan mijn vingers lijd?

Huurders hebben hoogstens één gat in hun hand

Dit is mijn laatste Straatkrant

ik ben voor Albert Heijn beland.



Kon ik maar pinnen

pinnen tot ik nergens toe

in staat was

pinnen.

Pinnen tot de giromaat er groen van uitslaat,

pinnen

Tot je bij dat apparaat alleen klein geld kunt winnen.

ik raak buiten

zinnen.



En als ik weer naar de hoeren ga

na een uur en een half

al weer buiten sta

vraag ik me af: was die

temeier het nou waard?

In mijn zakken munt noch kop, mijn uitkering

in één keer op, achter het volgend

raam een nieuwe vlam

die mij vertelt dat het ook met Tikkie kan...



Maar ik wil pinnen,

Tikkie dat is klote, Tikkie dat is kut,

ik wil pinnen

Moet ik ook nog aan een creditcard beginnen?

Zonder lot de Staatsloterij winnen?

Ik wil pinnen, pinnen!


heejiejeeeeeeeeeee heeeeeeeeeeeeejjieeejeeeeeeeeee
heejiejieheeeeeeeeeeeeeeeeeejieheeeeeeeeeeeeeeeee


Pinnen met mijn bankpas, pinnen raakt mijn ziel

Viercijferige code, best wel infantiel

Pinnend raak ik op stoom

Als in mijn fantasie, als in een droom, fijn.

Zonder pinautomaten lijd ik aan fantoompijn.


Ik raak van de kaaaaaart

heejiejeeeeeeeeeeeeeeeee

Ik wil pinnen

heejiejeeeeeeeeeeeeeeeee

Ik wil pinnen

Buiten zinnen

ING beminnen.

Hejieeeeeee heee!

maandag 6 januari 2025

MIEN MET COVID NEGENTIEN (Pastiche op 'Achter de rhododendron' van Tol Hansse)


Niets ging boven properheid

Ze waste haar handen kapot

Ze was een erg schone meid

Toch voelde ze zich ziek en rot.



Haar oksel zat net iets te hoog

Ze nieste in haar elleboog

Dat leek niet geciviliseerd

Toch had ze 't uit de krant geleerd.



Mien zat in haar nachtjapon

Te hoesten, zij had omikron.

Vandaar dat zij een list verzon

Zodat zij toch de hort op kon.



Slikt Mien Ivermectien misschien?

Mien wat slik je, hoehoe Mien?

Mien staarde naar de horizon,

En nam nog een lachgasballon.



De deur uit tegen elke prijs

Wat fraude dat kon weinig kwaad

Ze regelde een testbewijs

Want wilde rustig over straat.


Quarantaine dat was niks voor haar

Ze was er toch geen kluizenaar?

Twijfelend en in dubio

Bleef ze toch maar in haar studio.



Mien, zij had dus omikron.

Haar kuchje was niet echt bon ton

Ze ging zowat uit haar plafond

Omdat zij niet de hort op kon,



Wellicht hielp dit Mien misschien

Zelftests ze nam er tien

Omdat zij nooit eens rustig kon

Een plaat voor haar kop van beton.



Maar Mien hervond zichzelf al snel

Veroverde een rijke vent.

Naar zijn geld luisterde ze wel

Dus zeer gauw was ze ingeënt.



Haar pech echter de naald was vuil

Op haar bovenarm een grote buil

Ze vreesde en ze voelde reeds,

Geen omikron, nu had ze AIDS.


Mien dronk uit een zakflacon

Chartreuse tot ze niet meer kon

De prikker was nu haar demon

Tribunaal-vuurpeloton.



Heeft u haar soms gezien misschien?

Mien heeft geen Covid negentien.

Maar haar vent vindt haar niet meer lief

Want Mien is seropositief.



Mien is seropositief

Wat zegt u daarvan? Alstublieft.

Ze zuipt en snuift als Willem Kieft.

De goegemeente is ontriefd.



Nauwelijks levend, driekwart dood.

Slijt Mien haar dagen in de goot.

Eigenlijk is het getikt.

Dat Mien nog geen AIDS-remmers slikt.


https://www.youtube.com/watch?v=ZJ6K1hJ8oSc